Leidraad voor effectief lesgeven

Aan het begin van de les:

  • Maakt de leraar het doel van de les aan de leerlingen duidelijk
  • Activeert de leraar de voorkennis van de leerlingen
  • Liggen de lesmaterialen klaar of zijn goed bereikbaar

Tijdens de les:

  • Geeft de leraar duidelijke instructie in kleine stappen
  • Oefenen de leerlingen onder begeleiding, zodat directe feedback plaatsvindt
  • Worden ordeverstoringen voorkomen of doeltreffend gestopt
  • Geeft de leerkracht geen negatieve feedback
  • Benoemt en bekrachtigt de leerkracht gewenst gedrag en geeft complimenten als dit gedrag wordt vertoond
  • Krijgen leerlingen opdrachten die zij goed aankunnen (succeservaringen) 

Aan het eind van de les:

  • Wordt de les nabesproken in het licht van het lesdoel

Tips om dit te bereiken

  • Kinderen leren in relatie met jou, als ze zich autonoom en competent voelen
  • Wees gastheer /gastvrouw in je klas, ontvang de klas
  • Benoem gewenst gedrag, wees vriendelijk duidelijk
  • Heb positieve verwachtingen naar de klas en uit deze ook
  • Gebruik effectief startgedrag om te beginnen
  • Vertel wat je deze les gaat doen en hoe je tijdsindeling is
  • Vertel waarom je dit gaat doen, welk nut het heeft dat ze dit weten
  • Betrek de buitenwereld in je les
  • Schrijf je lesopbouw op het bord
  • Houd je aan deze opzet
  • Ga de dialoog aan met klas om de voorkennis te activeren
  • Durf een relatie aan te gaan met de leerlingen
  • Stem af op de groep als je een overgang in de les maakt door te kijken en te vragen of je verder kunt met het volgende onderdeel
  • Wacht op de klas als deze nog niet zover is en benoem daarbij gewenst gedrag
  • Geef complimenten bij gewenst gedrag en gebruik humor
  • Jij hebt de leiding en de regie als leerkracht
  • Evalueer groepswerk en individueel werk
  • Bespreek overhoringen en toetsen
  • Varieer in werkvormen
  • Kijk naar het effect van wat je doet
  • Begin en eindig je les met een duidelijke kop en staart

 

Goed startgedrag

  • zorg voor een centrale positie in de klas
  • Maak jezelf groot (ga staan)
  • Maak grote gebaren gebruiken, verhef eventueel je stem
  • Geef een duidelijk startsignaal (attentiesignaal) van beginnen (bv. deur dichtdoen, OK, we gaan beginnen, in je handen klappen, op het bord tikken). Kies hierbij wat bij jou past.
  • Straal enthousiasme uit m.b.v. activerende gebaren (mouwen opstropen, in je handen wrijven), vriendelijk kijken.
  • Daarna kom je met relevante informatie (wat gaan we doen deze les...., hoe gaan we dat doen). Kijk ondertussen goed rond.
  • Maak oogcontact en blijf doorpraten op groepsniveau. Laat je niet afleiden.
  • Eventuele vragen verbreden (d.w.z. de hele klas erbij betrekken door bijv. te zeggen: "Deze opmerking is voor iedereen interessant" of "Dit is een interessante vraag en daar geef ik straks antwoord op"). Of je hebt de volgorde van de les kort op 1 van de zijkanten van het bord geschreven of je schrijft het al pratende op. Het middenstuk van het bord kun je dan gebruiken voor herhalen van de vorige les of voor kernbegrippen die deze les aan de orde komen.

 

 

Loft